Home

Bestuurlijke inleiding

In de begroting 2025 is de kadernota (11 juli 2024 vastgesteld) als input en richting gebruikt. Bij de gestelde doelen zijn de activiteiten benoemd en er is bepaald hoeveel geld de gemeente nodig heeft om haar taken uit te voeren.
Dijk en Waard heeft als doelstelling om te komen tot een structureel sluitende begroting met positief oordeel van de provincie. De uitgangspositie blijft echter ongunstig door de stevige bezuinigingen van het Rijk op de gemeenten. Het langere termijn perspectief ten opzichte van de kadernota 2025 is iets verbeterd, maar nog niet sluitend. Naast besparingen wordt er voorgesteld om de OZB van Dijk en Waard voor het eerst meer te verhogen dan uitsluitend op basis van de inflatie. Met de verdere kostenontwikkelingen zien we dat de uitdaging om tot een sluitende begroting te komen groter is geworden. We moeten gerichte en noodzakelijke keuzes maken om tot een sluitend perspectief te komen vooral vanaf 2026 en verder.
We hebben onderzoek laten doen naar onze uitgaven in vergelijking van andere gemeenten. De uitkomsten daarvan gebruiken we om onze begroting kritisch tegen het licht te houden. In deze begroting houden we de personeelskosten stabiel en zetten we voor groei en ontwikkeling in op anders werken en organiseren.
De ontwikkeling van het perspectief is in onderstaand overzicht weergegeven.

Bedragen x € 1.000

2025

2026

2027

2028

Saldo voor Kadernota

-2.964

-16.680

-15.582

-15.744

Effect Kadernota

-3.211

-1.722

-776

-5.932

Effect begrotingsproces 2025

1.314

4.620

7.019

7.974

Begrotingssaldo

-4.861

-13.782

-9.340

-13.702

De aanpassingen die gedaan zijn in het begrotingsproces 2025 zijn in de onderstaande tabel verder gespecificeerd.
De positieve bedragen in het overzicht hebben een positief effect op het begrotingssaldo (minder kosten of meer opbrengsten), negatieve bedragen duiden op een verslechtering van het begrotingssaldo (meer kosten/ minder opbrengsten).

Bedragen x € 1.000

Specificatie effect begrotingsproces 2025

2025

2026

2027

2028

Prijsindexatie en autonome ontwikkelingen

-5.007

-2.274

-600

210

Ontwikkeling OZB a.g.v groei en verhoging tarief 12,5%

2.923

3.215

3.508

3.800

Afschrijvingen

1.616

1.230

788

-437

Onttrekking Algemene Reserve o.b.v BOFv

659

Ontwikkeling Algemene Uitkering a.g.v. groei

1.250

2.500

3.750

5.000

Treasury

-281

-626

-749

-698

Mutaties leges en heffingen

217

558

707

1.066

Loonkosten

-63

17

18

-129

Ophogen dotatie WKW

0

0

-403

-838

Totaal

1.314

4.620

7.019

7.974

Prijsindexatie en autonome ontwikkelingen

Door prijsindexaties en autonome ontwikkelingen is het tekort in totaal met € 4,9 miljoen verslechterd in de programmabegroting 2025.
Hiervan is € 4,8 miljoen veroorzaakt door prijsindexaties. Het grootste deel van deze prijsindexaties (€ 4,3 miljoen) vloeit voort uit afspraken die wij hebben met onze gemeenschappelijke regelingen. Het resterende deel (€ 0,5 miljoen) betreft een beperkte centrale stelpost indexaties. Door de stelpost centraal te budgetteren zijn de budgetten in veel gevallen gelijk gebleven aan vorig jaar. Daar waar in 2025 blijkt dat het budget door prijsontwikkelingen niet voldoende blijkt, kan vanuit de centrale stelpost extra budget beschikbaar komen.
De autonome ontwikkelingen bedragen in totaal € 3,7 miljoen (extra kosten); hier staat aan de opbrengstenkant de ontwikkeling van de algemene uitkering tegenover met een netto effect vanuit de meicirculaire van € 3,7 miljoen.

Ontwikkeling OZB

Dijk en Waard is altijd zeer terughoudend geweest om verwachte groei aan de inkomstenkant mee te nemen in haar financiële perspectief. Aan de kostenkant nemen we echter in veel budgetten de verwachte groei van onze gemeente wel mee. Om dit meer in evenwicht te brengen stellen we de verwachte groei OZB nu bij aan de hand van de groeicijfers van de afgelopen jaren (€ 260.000, lineair stijgend meegenomen in de jaren na 2025). De OZB verhoging van 12,5% geeft de gemeente € 2,6 miljoen aan extra opbrengsten.

Onttrekking Algemene Reserve o.b.v. BOFv

In het Bestuurlijk Overleg Financiële Verhoudingen (BOFv) van 21 november 2023 hebben de VNG, IPO en UVW nieuwe afspraken over hun financiën gemaakt met de ministeries van Financiën en Binnenlandse Zaken. Op basis van deze regeling kunnen gemeenten vanaf 2024 reserves en overschotten inzetten voor het dekken van structurele lasten. Dijk en Waard geeft invulling aan deze regeling door in het begrotingsjaar 2025 € 659.000 te onttrekken aan de Algemene Reserve.

Afschrijvingen

Door het actualiseren van het meerjareninvesteringsplan zien we een verschuiving van de afschrijvingslasten. De verwachtingen is dat diverse investeringen later tot een afronding komen. De komende jaren hebben we daardoor minder afschrijvingslasten dan gepland. In latere jaren leidt dit tot hogere afschrijvingslasten.

Verwachte ontwikkeling algemene uitkering

Net als bij de OZB is Dijk en Waard zeer terughoudend geweest om verwachte groei aan de inkomstenkant mee te nemen in haar financiële perspectief. Aan de kostenkant nemen we de groei vaak wel mee. Op basis van groei cijfers van de afgelopen jaren hebben we een hogere algemene uitkering van het Rijk gebudgetteerd (€ 1.250.000, lineair stijgend meegenomen in de jaren na 2025).

Rente

Vanwege het investeringsvolume van de komende jaren verwachten we extra financiering te moeten aantrekken. De hiermee samenhangende rentelasten zijn opgenomen in het perspectief.

Bedragen x € 1.000

Kwalificatie

2025

2026

2027

2028

Saldo lasten

-296.355

-295.086

-290.602

-291.556

Dotatie reserves

-4.622

-4.622

-4.622

-9.622

Saldo baten

287.526

279.266

279.247

281.089

Onttrekkingen reserves

8.590

6.660

6.637

6.387

Saldo van baten en lasten na mutatie reserves

-4.861

-13.782

-9.340

-13.702

Saldo incidentele baten en lasten

-4.861

-2.310

329

-5.000

Structureel begrotingssaldo

0

-11.472

-9.669

-8.702

Begrote saldo 2025

Voor 2025 is het begrote structurele resultaat € 0.
De totale begrote lasten en baten kennen een tekort van € 4,8 miljoen

Lasten

In 2025 zijn de begrote lasten van de gemeente begroot op € 296,4 miljoen. In de begrote lasten zijn de ambities uit de kadernota 2025 voor € 3,3 miljoen verwerkt en zijn er voor in totaal aan € 11,4 miljoen aan noodzakelijke budgettaire ontwikkelingen meegenomen. De voornaamste extra uitgaven kunnen gesplitst worden in:

  • Indexaties Gemeenschappelijke regelingen en contractuele verplichtingen (€ 4,3 miljoen);
  • Taakmutaties vanuit het Rijk (€ 0,8 miljoen) en;
  • Autonome ontwikkelingen (€ 6,1 miljoen).  
    • Jeugd ( 2,3 miljoen)
    • Inkomensregelingen (€  1,4 miljoen)
    • WMO (€ 0,4 miljoen)
    • Sport en cultuur (€ 0,4 miljoen).

Baten (opbrengsten)

De begrote baten voor de gemeente zijn € 287,5 miljoen.De voornaamste aanpassingen in de opbrengsten betreffen de hogere algemene uitkering van het Rijk (netto € 3,7 miljoen) en de OZB-inkomsten door groei en verhoging (€ 3,4 miljoen) en er wordt € 8,6 miljoen onttrokken aan (bestemmings)reserves.

Deze pagina is gebouwd op 11/20/2024 10:43:38 met de export van 11/20/2024 10:40:45